le pronom personnel | het persoonlijk voornaamwoord
vorm en plaats | alle vormen
zet x in de vakjes die leeg moeten blijven

Kan ik mijn vakantie bij jou doorbrengen ?
peux passer mes vacances chez ?

Mag ik u een vraag stellen ?
Zet x in het vakje dat leeg moet blijven
Je peux poser une question ?

Hij heeft mij de vorige week geantwoord
zet x in het vakje dat leeg moet blijven
Il a répondu la semaine passée.

Ik hoop je spoedig te zien
Zet x in het vakje dat leeg moet blijven
Je espère voir bientôt.

Hij brengt zijn vakantie met mij door
Il passe ses vacances avec

Ik schrijf u deze brief om u iets te vragen
Zet x in de vakjes die leeg moeten blijven
Je écris cette lettre pour demander quelque chose.

Kun u mij zo spoedi mogelijk antwoorden ?
Zet x in het vakje dat leeg moet blijven
Vous pouvez répondre le plus vite possible ?

Hij heeft mij positief geantwoord
Zet x in het vakje dat leeg moet blijve
Il a répondu positivement.

Het is de verjaardag van mijn zus. Ik geef haar een cadeau.
C’est l’anniversaire de ma soeur. Je donne un cadeau.

Het is de verjaardag van mijn broer
Zet x in het vakje dat leeg moet blijven
C’est l’anniversaire de mon frère. Je vais voir ce soir.